Zou er vijf jaar geleden iemand een eurocent hebben ingezet op de volgende oneliner? Lees en luister: het feministische maandblad Opzij beveelt met haar jaarlijkse emancipatieprijs voor bondscoach Vera Pauw ‘de kracht van het vrouwenvoetbal’ aan. Geen gokchinees zou het bod hebben aanvaard. En ziet: daar is het nu! Wie herinnert zich Lilly Parr? Zij was de eerste vedette van het vrouwenvoetbal, bij het einde van de Eerste Wereldoorlog, en zette een vrijmakende tendens in: voetballen voor de vrede én het plezier! Conservatieve bobo’s roken onraad en stuurden de voetballende suffragettes in 1921 terug naar af.

Het sigarettenstompje hobbelt tussen haar lippen. Pruimen is het niet, inhaleren evenmin. Het wiebelt zomaar heen en weer in haar mond. Op het ritme van de oneindig terugkaatsende bal, die ze een feilloze one touch geeft in die ene fractie van een seconde dat hij de duisternis ruilt voor het vale licht van de gaslamp. Niemand ziet haar. Ze voetbalt in stilte. In de smog van de slums. Met als enige ruis de stuiterende bal. Net veertien is ze. Geen kind meer maar ook nog onvolwassen. De techniek van het roken beheerst ze nog niet, die van de bal des te meer. Elke avond ontvlucht ze het piepkleine huisje, amper een kamer groot, waar ze met zeven mensen woont. In de bitterste armoede. Letterlijk tussen de varkens. Ierse migrantenkinderen ontkomen niet aan dit lot in het harde Victoriaanse Engeland. Geboren in 1905 in Lancashire, de streek rond Manchester. Veertien jaar op dat moment. De Eerste Wereldoorlog is net voorbij. Ze oefent met één doel voor ogen: de beste voetbalster van Groot-Brittannië worden. En ook figuurlijk tegen het onrecht en de wreedheid aanschoppen. Haar naam is Lily Parr. Ze heeft geen talent voor onderdanigheid.

Stoke City met rechts vooraan Lily Parr

In No Man’s Land is niemand meer. Wie brengt het lijden in beeld van de duizenden jongens die, onder het juk van de oorlogswaanzin, naar andere landen reizen om er te sterven? Bij het einde van Wereldoorlog I, the Great War, wordt in het district Lancashire rond Manchester een nieuwe sport geboren in de modder van de industrieterreinen. Het vrouwenvoetbal toont een humaan en gezellig gezicht met zijn boodschap tegen armoede en oorlog. Het idee van football for charity én de spitsvondigheid van de eerste rebelse vedette Lily
Parr grijpen het publiek bij de keel. Er steekt snel storm op want niet iedereen houdt van haar: ‘Voetbal is geen sport voor vrouwen’ sodemieteren de bobo’s van de conservatieve Football Association. Lily neemt geen genoegen met de ondergeschikte rol. Ze is van niemand, slechts van zichzelf. Vrouwen nemen in de fabrieken – uit economische noodzaak gedwongen – de plaats over van de mannen aan het front.
De omwenteling slaat toe. Barbara Jacobs diept in haar studie The Dick, Kerr’s Ladies. The factory girls who took on the world (2004, Robinson Ed.) uit hoe in 1920 voetballende vrouwen 53.000 toeschouwers naar hun wedstrijd lokken in Liverpool. De club van Lilly Parr noemt zich naar het bedrijf van WB Dick en John Kerr uit Preston dat populaire tramstellen vervaardigt, spoorwegen aanlegt en zich tijdens de Eerste Wereldoorlog omschakelt tot munitiefabriek. In de lunchpauzes trappen de vrouwen een balletje om de tijd te doden.

Op kerstdag 1917 spekken de DKL met een eerste benefietwedstrijd de kas voor gewonde soldaten. Vervolgens toeren ze door Groot-Brittannië en verzamelen overal fondsen. Over een periode van zeven maanden bezoekt het team in 1921 alle grote steden voor liefst 67 wedstrijden, die door ruim 1 miljoen mensen worden gevolgd en tienduizenden ponden verzilveren. Het voorbeeld werkt aanstekelijk. Meer dan 150 vrouwenelftallen schieten als paddenstoelen uit de grond en lokken meer volk dan de mannen.

In 1920 bezoekt het team per trein de oorlogsroute tussen de Somme en de IJzer.
De alledaagse, onverteerbare pijn snijdt Lily Parr tot in het merg. Ze rebelleert tegen de dwaasheid van de dood. Elke stad opent zijn Disabled Soldier’s Hospital & Charity Fund. De fans verdringen zich om de technische perfectie en de natuurlijke nonchalance van Lily Parr. Ze treedt op in films en fotoreportages en ze doet de krantenverkoop stijgen. Barbara Jacobs: ‘The exceptional Lily Parr was the star, who made everything happen.’ Ze is lesbienne en verbergt het niet.

De opkomst van DKL valt samen met de strijd van de suffragettes voor vrouwenkiesrecht. Lancashire schommelt de wieg van de vrouwenemancipatie en vermengt zich met de muzikale, pacifistische strekking van de talrijke
Ierse inwijkelingen, waar Lily’s ouders deel van uitmaken: tegen de oorlog en voor betere levensomstandigheden. Mannen tolereren de gelijkheid van de vrouw. Het dissidente district geniet vermaardheid om zijn matriarchaat en de invloed van vrouwen op het openbare leven. Vrouwenvoetbal zuigt als een magneet de liefhebber aan en dreigt de mannelijke variant inzake populariteit te overvleugelen. De opbrengsten van de wedstrijden belanden, na aftrek van een vergoeding voor de speelsters, integraal bij the good causes. De autoriteiten banbliksemen het vrouwenvoetbal als een politiek gevaarlijke sport. In Londen slijpen de conservatieve krachten de messen. Op 5 december 1921 velt de FA het zwaarste verdict: ‘Vrouwen horen niet thuis op het voetbalveld.’
De reden is voornamelijk psychologisch. Vrouwenvoetbal is een te spontane expressie van de vrije geest.
Tussen 1918 en 1921 brengen de wedstrijden van Lily Parr ruim 120.000 pond op ten voordele van mensen met een handicap. Ze neemt, tot in 1951, meer dan 900 keer de vijandelijke doelverdedigster te grazen. Altijd met een variatie op het thema van de virtuositeit. De onverwachte beweging heeft alle geheimen aan haar prijs gegeven. Door de duisternis zag zij het licht. Dankzij de bal en de meedeinende sigaret.
Zou Opzij het verhaal van Lilly Parr kennen? Het is op zijn beurt een emancipatieprijs waard.

Soms is het goed het ‘halvezoolschap’ met iemand te delen. Te weten dat je niet alleen staat met je bizarre gedachten omtrent ‘voetbal, solidareit & ambiance’. Zo kwam ik vorige maand Bjorn Heidenstrom tegen, met dank aan Jan Caers, de commerciële manager van de club KVC Westerlo, in de Vlaamse Kempen op een half uurtje rijden van de Nederlandse grens. Jawel, ze bestaan: businessboys met een hart voor het sociale. Jan Caers verricht goed werk ter zake bij ‘Westel’ en ontving onze Noorse vriend in het nieuwe themacafé van de club. Daar overhandigde hij hem het truitje met de liefdevolle geel & blauwe kleuren. De dag nadien zaten we samen in Brussel, pizza’s te verorberen op kosten van de Belgische Profliga, het kàn! De Koninklijke Belgische Voetbalbond liet zich eveneens van zijn beste zijde zien en schonk een shirt weg van de Rode Duivels. Een etmaal later woonde Bjorn gratis en voor niets de wedstrijd België-Turkije bij, de vuurdoop voor Dick Advocaat.
Who the hell is Bjorn Heidenstrom? Met een Noorse streep door de o in de naam. Wel, dat zal ik u vertellen. Hij was enkele jaren semiprofspeler en studeerde marketing. Hij stond aan het hoofd van de Noorse topclub IF Valerenga en veranderde er grondig de mentaliteit. IF Valerenga kampte jarenlang met overlast van rechts-radicale hooligans. Als aandachtige lezer van deze weblog bent u dan gewaarschuwd want u weet intussen wat dit betekent: veel geweld in en rond het stadion, criminaliteit, vecht- en zuippartijen en racistische spreekkoren. Omdat Bjorn een kleine krachpatser is, gooide hij al eens letterlijk zijn gewicht in de strijd. Hij riep ook de gemiddelde fan op om zich af te zetten tegen het beroerde gelul. Het hielp, de racistische klanleden dropen op den duur af met de staart tussen de benen, oftewel bekeerden ze zich tot minder ranzig gedrag. Men houdt het niet voor mogelijk, maar ja hoor, ook dàt kan! Vandaag heeft Valerenga – met de projecten Soccer Against Crime en Valerenga against Racism – de vurigste supporters van Noorwegen.

Maar nu blijft u nog steeds in het ongewisse over de markante daden van Bjorn Heidenstrom. Hij noemt zichzelf ‘the crazy man of football’. En gelooft dat er zoiets bestaat als een relatie tussen ‘voetbal’, ‘goede doelen’ en ‘gekte’. Hij vertrok in de zomer van 2009 aan het Nobel Peace Centre in Oslo en reist richting Robbeneiland in Kaapstad, Zuid-Afrika. Niet zomaar, wel met de fiets! U leest dit goed! Hij kreeg een mountainbike cadeau van Hyundai Heavy Industries Noorwegen om deze tocht te voltrekken. Bjorn draagt een boodschap van vriendschap uit en verzamelt voetbaltruitjes om deze te symboliseren.

091109 Column Raf The Shirt 2010

Hij wil arriveren in Zuid-Afrika tegen mei 2010, net voor de aanvang van het WK Voetbal. Onderweg tracht hij minstens 2010 voetbalshirts te verzamelen. In Zuid-Afrika worden deze dan samen genaaid tot één groot shirt. Bjorn heeft hier een blijde boodschap achter gestopt: via de bal aandacht opeisen voor de vluchteling, voor het probleem van mensen die over de hele aardbol op de dool zijn omdat zij hiertoe werden gedwongen door geweld, haat, hongersnood, klimaatrampen. U hebt nog een oud voetbalshirt in de kast hangen, waar u vanwege uw obesitas toch niet meer in past? Als de weerlicht naar de website http://www.theshirt2010.net en vis het adres uit in Noorwegen waar uw truitje naartoe kan worden gestuurd. Trek de aandacht op het probleem van de vluchteling. Hoe dan ook: steun de goede, gekke Noorse man van het voetbal. Soms is het leuk om het ‘halvezoolschap’ met iemand te kunnen delen.