RAF WILLEMS: DE MAGISCHE MAGYAREN EN DE VERLOREN VOETBALREVOLUTIE (1950-1956)

maart 28, 2011

Het Nederlands Elftal ontvangt op 29 maart Hongarije. Ooit predikten Hongaren de revolutie: de voetballers in het veld, de burgers op straat, de premier tussen het volk. Van 1950 en 1956 verleidden en verbaasden de Magic Magyars de wereld, met onder meer de gouden medaille op de Olympische Spelen van Helsinki in 1952. In 50 interlands verloren ze slechts één keer. Uitgerekend dan wanneer men niet in het zand wil bijten, met name op 4 juli 1954, in de finale van de wereldbeker in Zwitserland. Tegenstander: West-Duitsland (3-2), Hongarije was vanzelfsprekend de betere ploeg. Klinkt bekend in de oren. De Magische Magyaren zijn de eigenlijke uitvinders van het ‘totaalvoetbal’. Ze leefden in tijden van mislukte maatschappelijke omwentelingen, onder het juk van de stalinistische dictatuur.

Wie herinnert zich niet de Aranycsapat, het Gouden Team, van Puskas, Czibor, Kocsis, Grosics, Boszik en Hidegkuti? Op 4 juli 1953 kwam Imre Nagy – enkele maanden na de dood van Sovjet-dictator Jozef Stalin en als gevolg van een protestbeweging – aan de macht om de Hongaren een goed leven te geven. Hij presenteerde zich als een soort Mikhaïl Gorbatsjov avant-la-lettre: een hervormer met een verleden in de communistische partij.

Nagy liet zich echter niet controleren en ijverde meteen voor de combinatie van sociaaldemocratische overheidspolitiek met liberale mensenrechten. Hij sloot strafkampen, gaf de boeren meer land, hief het verbod op westerse literatuur op en kantte zich niet tegen jazzmuziek in de kroegen van Boedapest. Vooral hield Imre Nagy van voetbal. Op zondag bezocht de gepassioneerde liefhebber wedstrijden van zijn favoriete speler Ferenc Puskas.In bondscoach Gustave Sebes vond Imre Nagy een medestander. Sebes vertoefde graag in zijn voetbalverbeelding. Hij fantaseerde over een utopie, waarin hij individuele schranderheid bundelde aan collectieve klasse. Hij legde nooit de eigenheid van de mens aan banden.

De niet te vatten persoonlijkheidstructuur van zijn toppers Puskas (linkerspits), Czibor (linksbuiten), Grosics (doelman) en Kocsis (midvoor) stond dit hoe dan ook in de weg. De zonder nukken door het leven gaande Boszik (corrigerende middenvelder) en Hidegkuti (spelmaker) keerden op het veld eveneens de rug naar de verstarde denkbeelden. Men nam afstand van het strikte positiespel. Sebes bedacht twee nieuwe dingen, ze vormden de intro tot het totaalvoetbal: de kaatsende spits (Hidegkuti) en de opbouwende keeper (Grosics), de doelman als eerste aanvaller.

De prestaties van het nationale elftal veroorzaakten een golf van enthousiasme in het land en voedden de droom van de bevolking: vrijheid, welvaart en democratie. Is het toeval dat het Gouden Team nooit beter voetbalde dan tussen 4 juli 1953 – het begin van het mandaat van Nagy – en 4 juli 1954 – het begin van het einde van het mandaat van Nagy? Even goochelen met de statistieken: prestigieuze overwinningen in Rome (0-3), Praag (1-5), Wenen (2-3). Met als klapstuk: 3-6 (Hidegkuti 3, Puskas 2, Boszik 1) in Londen, op Wembley, 25 november 1953, the game of the century. De eerste Engelse nederlaag op eigen bodem. Industrie versus kunst, blokletterde de pers. Werd er ooit beter voetbal op de mat gelegd? Vermoedelijk wel, met name op 23 mei 1954, voor 75.000 dansende Hongaren in het immense nieuwe NEP-stadion-van-het-volk van Boedapest: 7-1, de zwaarste voetbalvernedering in de Engelse geschiedenis. Imre Nagy straalde. Had hij reeds de wereldbekerfinale van 4 juli 1954 in gedachten? Het lange wachten, het grote smachten! Poule: 9-0 Zuid-Korea, 8-3 West-Duitsland. Kwartfinale: 4-2 Brazilië, finalist van het WK van 1950. Halve finale: 4-2 Uruguay, winnaar van van het WK van 1950. Finale: 2-0 voorsprong na tien minuten tegen West-Duitsland. Goals van Puskas en Czibor.

De Hongaarse historicus Andrew Handler beschreef in zijn essay From Goals to Guns. The Golden Age of Soccer in Hungary 1950-1956 hoe de hele Hongaarse samenleving – van kunst over literatuur tot muziek – gebukt ging onder het door de dictatuur opgelegde ‘sociale realisme’. Met uitzondering van het ‘ongrijpbare voetbal’! Volgens Handler voerden de spelers een plezierstuk op: ‘Een vrolijk verhaal waarbij de ideologie niet verdedigd werd. Het publiek kon vrij ademen. ‘Vele toeschouwers vonden in het voetbal een toevluchtsoord om aan de dagelijkse politieke dwang te ontsnappen. De fans begrepen de kracht van de oppositie, verschillende spelers van de Aranycsapat (Puskas, Czibor, Kocsis, Grosics, Lorant) toonden openlijk of verdoken hun meningsverschillen met het regime. Er ontstond – via de voetbalverbeelding – een ruimte voor oppositionele meningsuiting: ‘The Aranycsapat felt like a breath of fresh air for a prisoner.’

Premier Imre Nagy luisterde met ingehouden adem naar het spelverloop in de finale van de wereldbeker. De verbijstering groeide met de minuut. Bedenk: Hongarije – West-Duitsland 8-3 in de voorronde en 2-0 binnen een handomdraai. Eindstand: 2-3. Voetbal is een spel en aan het einde winnen de Duitsers. De bevolking verbeet de teleurstelling niet. De plannen van Nagy evolueerden plots te traag. Ze werden ook door de partijtop gesaboteerd. Begin 1955 werd hij door een intrige vanuit Moskou – de Sovjet-Unie trok achter de schermen aan de touwtjes in Boedapest – uit het openbare leven gebannen. De bevolking rebelleerde in oktober 1956 maar de opstand werd in bloed gesmoord. Op 8 november 1956 schoten Sovjettroepen op de Boulevard der Martelaars de Hongaarse hoop aan flarden. In de vroege ochtend van 16 juni 1958 kreeg de geliefde voetbalminnende professor-premier Nagy de dood met de strop. Zijn beulen begroeven zijn ontziende lichaam onder een laag beton. Het liep ook slecht af met de Aranycsapat.

Na de opstand ontstond een ‘elftal in ballingschap’, dat als een voetballend Harlem Globetrottersgezelschap om den brode – en uit bittere noodzaak – exhibitiewedstrijden speelde in West-Europa en Zuid-Amerika . Sommigen maakten – Puskas bij Real Madrid en Czibor en Kocsis bij FC Barcelona – carrière in het buitenland maar zagen hun geboortestreek zelden of nooit terug. Imre Nagy was dood, net als het Gouden Team. De herinnering aan de verloren voetbalrevolutie doofde echter nimmer uit.

Advertenties

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: