Coach Celtic Glasgow met de dood bedreigd

Neil Lennon, ex-voetballer en huidig coach van Celtic Glasgow Football Club ontvangt een bompakket op zijn naam. Tris Godman, parlementslid van de sociaal-democratische Labour Party én prominente Celticfan ontvangt een bompakket op haar naam. Paul McBride, links-liberale advocaat van Neil Lennon én prominente Celticfan ontvangt een bompakket op zijn naam. Deze scènes roepen herinneringen op aan de donkerste dagen der apartheid in het Zuid-Afrika van de jaren zeventig. De feiten spelen zich echter af in Glasgow anno april 2011.

Neil Lennon (1971) is sinds 21 augustus 2002 – net voor de interland Noord-Ierland-Cyprus – het doelwit van doodsbedreigingen. Hij opent er zijn biografie ‘Man and Bhoy’ mee: ‘De telefoon rinkelde bij de BBC in Belfast. This is the LVF. If Neil Lennon takes the field tonight he will get seriously hurt. LVF staat voor Loyalist Volunteer Force, één van de meest extreme terroristische protestantste groepen van Noord-Ierland. Ik ben zelf een katholiek uit het dorpje Lurgan en ze verklaarden me schuldig aan een verschrikkelijke misdaad: I played for Celtic, the club which, despite being non-sectarian since its foundation, is seen as a totem of Irish Catholic nationalism.’ Lennon gooide begrijpelijkerwijs na 45 selecties de handdoek in de ring – hoe zoudt gij zelf zijn? – en speelde nooit meer voor zijn vaderland. Sindsdien geldt hij in Schotland als volksvijand nummer één, werd het doelwit van stereotyperende kritieken in de sensatiepers en van bedenkelijke publieke beschimpingen door de aanhang van aartsrivaal Rangers. Tegenwoordig staan en hij zijn familie onder voortdurende bescherming van de politie.

Bepaalde pipo’s van de pers blijven hardnekkig én simplistisch Celtic en Rangers in dezelfde zak van het religieuze fanatisme steken. Dat dwaalt, dat kent zijn klassiekers niet en dat bedrijft lazy journalism. Soms vraagt een conflict in het voetbal om een nuance. Op deze website werd reeds vaker het fundamentele verschil tussen beide clubs becommentarieerd: lees ons gesprek met Simple Mindszanger en Celticfan Jim Kerr (23 augustus 2010) en ons verhaal over de dodelijke aanslag van een Rangersgang op een groenwitte buurtwerker (2 juni 2009).

Voor de ongeletterden, nog één keer even een lesje ‘voetbaljongens/-meisjes & wetenschap’: Celtic werd in 1888 gesticht ter emancipatie van de katholieke Ierse migrantengemeenschap in Glasgow. De Ieren spoelden met duizenden aan in de zogenaamde Irish famine ships, op de vlucht voor de verdoemde hongersnood van 1846. Van bij haar oorsprong manifesteerde Celtic zich als open to all. In haar geschiedenis speelden talrijke voetballers (Kenny Dalglish) en coaches (Jock Stein) met een persoonlijke ‘protestantse’ of vrijzinnige achtergrond een beslissende rol. Celtic verbond zich ook met de Ierse burgerrechtenkwestie, met de strijd voor algemene sociale rechtvaardigheid en – de eigen roots indachtig – met de integratie van asielzoekers, vluchtelingen en nieuwe migranten in het Glasgow van de 21 ste eeuw. Het voorbije decennium genoot de Celtic Support overal in Europa een uitstekende reputatie met haar concept van ‘music & fun’: humor, melancholische folkgezangen en swingende poprock. Altijd ambiance!
De club kantte zich steeds tegen het zogenaamde sectarisme. Het is dan ook haar gewoonte niet in deze.

Rangers (1873) staat aan de andere kant van het maatschappelijke en politieke spectrum: het protestantse establishment, de Conservative Party en Brittannia Rules the World. Het sectarisme wordt beschouwd als onderdeel van de ‘traditie’: ‘The policy of not signing Catholics has been with the club since it was formed.’ Zo sprak de blauwe president John Lawrence vol trots in 1969. Twee jaar eerder, in 1967, triomfeerde Celtic in de Europacup der Landskampioenen met een ‘gemengd elftal’, waarbij enkel geselecteerd werd op basis van de voetbalkwaliteit. Onder het beleid van coach Graeme Souness bood Rangers pas in 1989 een eerste contract aan een ‘katholieke’ speler aan. Met een storm van protest bij de eigen baldadige blue order tot gevolg. Het uitsluiten van mensen op basis van hun geloof (katholiek) of origine (Ierland) was bij Glasgow Rangers dus gedurende ruim een eeuw een kenmerk van het huis. De ironie van het lot wil dat uitgerekend de vinnige voetballer Neil Lennon op zijn veertiende door de talentscouts van Ibrox werd ontdekt maar net omwille van het sectarisme de spreekwoordelijke deur op de neus kreeg.

Tussendoor een klein primeurtje van de http://www.meerdanvoetbal.nl: aanvankelijk probeerden de Schotse media de verijdelde aanslagen op Lennon, Godman en McBride te minimaliseren. Wegens te ‘explosief’ van aard, zullen we maar zeggen. Onderzoeksjournalist en mensenrechtenactivist Phil Mac Giolla Bhain – opgegroeid rond Celtic Park en tot in de jaren negentig schrijvend over de dagelijkse discriminatie in zijn geboortestad tegenover de Irish – lichtte via zijn blog op 20 april de put van het deksel. Roy Greenslade, professor journalistiek aan de Londense City University, rakelde de zaak op in zijn column in de Engelse kwaliteitskrant The Guardian en het werd wereldnieuws.

Genoeg geschiedenis, terug naar de brandende actualiteit. Precies deze week – 28 april – stelt de UEFA een onderzoek in naar het wangedrag van het Rangerspubliek in de duels met…PSV Eindhoven. Als gevolg van een decennium zich opstapelende incidenten in de sfeer van het hooligangeweld en het hatelijke spreekkoor – van het stukgooien van de ramen van de spelersbus van Villarreal over het dumpen van een hulpeloze dakloze in een fontein in Lissabon tot het tot puin slaan van het stadscentrum van Manchester – pleit Football Against Racism in Europe voor een sanctie. Alles draait rond de tekst van twee lijfliederen van de Blue Bears, die en masse worden geschreeuwd. Niet enkel tijdens duels van de Old Firm, het is de macht der gewoonte geworden.

Met name: The Billy Boys en The Famine Song. Wat denkt u van een versregel als: We’re the Billy Boys. We’re up to our knees in Fenian blood. Surrender or you’ll die? Die Billy Boys – de harde knapen van Rangers – beroepen zich op Billy Fullerton, de leider van een protestantse fascistische straatbende uit de jaren dertig van de vorige eeuw. Fullerton spiegelde zich aan…de Ku Klux Klan en had – het nodige bloedspoor achterlatend – het gemunt op Ierse – Fenians – en joodse migranten in Glasgow. Een geintje? Geenszins! Omdat de UEFA in 2008 een dreigende vinger hief, geraakte het gebullebak enigszins op de achtergrond, verdwijnen deed het niet. Het repertoire werd bovendien meteen uitgebreid met The Famine Song. Lees weer even mee: From Ireland they came. Brought us nothing but trouble and shame. Well the famine is over. Why don’t you go home? Volgt u nog? Dit heeft een naam, het galmt over Ibrox Park en het heet: the ugly face of football.En zo is de Celtic-volgeling nog altijd ‘the nigger of Glasgow’. Maar hij lijkt in geen beding op de Rangers-fanaticus, wel integendeel.

Eigenlijk wou ik dit verhaaltje beperken tot die ene, alleszeggende en noodzakelijke zin: Set Neil Lennon Free!

12 april is de internationale dag van de straatkinderen. De Rode Duivels zitten in een opwaartse spiraal, na overwinningen in Wenen (Oostenrijk, 0-2) en Brussel (4-1, Azerbeidzjan). De Belgische voetbalmiserie stapelde zich het voorbije decennium op maar in ‘Ernst Happel’ bevolkten meer dan 2000 rood-geel-zwart ‘beschilderden’ de Red Devils Kop. In het Koning Boudewijnstadion zorgden 35.000 fans voor prettige gestoordheid. In de marge van de euforie kondigde Michel D’Hooghe aan dat hij ‘na 25 jaar het project Casa Hogar in handen van het stadsbestuur van Toluca legt.’

De Accion Casa Hogar – Diabolos Rojos ontstond in de Mexicaanse Wereldbekerzomer van 1986. Mexico 1986 vormt voor de Rode Duivels zowel hoogtepunt op als naast het veld. Na heroïsche partijen met verlengingen (Sovjet-Unie, 4-3, achtste finale) en zelfs strafschoppen (Spanje 1-1, kwartfinale) dribbelde Diego Armando Maradona de Belgen pas in de halve eindstrijd naar huis. De spelers – onder leiding van aanvoerder Jan Ceulemans en Eric Gerets – legden een deel van hun winstpremie opzij ten voordele van straatkinderen uit de industriestad Toluca. Dokter Michel D’Hooghe – destijds verantwoordelijke van de Belgische delegatie en van 1987 tot 2001 bondsvoorzitter – zette de schouders onder iets wat zou uitgroeien tot een uniek project in de internationale voetballerij. Als ik hem vraag om een terugblik, keert hij in gedachten meteen naar 1986: ‘We vergaderden met onze hotelhouders Ramon en Maria Teresa Martinez. We opperden het idee van een tehuis voor straatkinderen en we noemden het Casa Hogar: ons huis bij de haard. Straatkinderen behoorden tot het vaste beeld van de Mexicaanse maatschappij. De overheid besefte het probleem niet. Men had de Rode Duivels nodig om het nieuwe denken te ontwikkelen.’

Michel D’Hooghe en zijn vrouw Anne-Marie zochten vervolgens naar een elan in België: de vzw Casa Hogar verzamelde in 1986 via de eerste ‘De Nacht van de Voorzitter’ 25000 euro. Op het einde van de rit zou dit bedrag aanzwellen tot 150.000 euro per jaar via een steunsysteem van sponsors, individuele giften en de Koninklijke Belgische Voetbal Bond.

Vijfentwintig jaar later legt Michel D’Hooghe een mooi bilan voor: ‘We hebben ruim 500 kansloze kinderen voeding en opvoeding gegeven. Sommigen behaalden een universitair diploma. Er kunnen dertig kinderen verblijven. Buiten ligt er uiteraard een voetbalveldje.’ Omdat vanzelfsprekend slechts een klein segment van de straatkinderen van Toluca kon worden opgevangen, koos men voor een vernieuwende aanpak onder leiding van een plaatselijke psychologe: biblioteca! Vanuit Casa Hogar trok men naar de verpauperde wijken – zonder elektriciteit of watertoevoer – rondom de stad. De biblioteca biedt boeken aan, verlichting en een studeertafel. Ze fungeren ook als klaslokaal. Zelfs voor volwassenen.

Michel D’Hooghe noemt de biblioteca de mooiste realisatie van Casa Hogar. In 1997 opende hij zelf de eerste. Hij getuigt hoe een oude, ongeletterde vrouw op hem afstapte met een Larousse: ‘ Ze raakte zo onder de indruk van de bibliotheek dat ze al haar spaargeld had gebruikt om een woordenboek te kopen. Dat was voor mij een bijzonder emotioneel moment.’
Bij de viering van de twintigste verjaardag van Casa Hogar in 2006 genoot de zesde biblioteca stevige belangstelling. Intussen verzamelde het rondreizende gezelschap een slordige 6000 boeken. D’Hooghe hoopt dat het systeem – eens in handen van de overheid – kan evolueren tot een sociaal-cultureel centrum.
Na 25 jaar is het tijd voor Casa Hogar om op eigen benen te staan, oordeelt Michel D’Hooghe: ‘Zonder emotioneel te worden: dit is het mooiste dat ik heb gerealiseerd. Duizenden mensen leerden er lezen en schrijven. Ze maakten voor het eerst kennis met cultuur, wetenschap en geschiedenis. Er werden kooklessen georganiseerd en ook cursussen in hygiëne en kinderverzorging. Met spijt in het hart neem ik er afscheid van. Het leven van vele straatkinderen kreeg alleszins een nieuwe dimensie dankzij de werking van de Accion Diabolos Rojos – Casa Hogar ‘

Blijven de Rode Duivels de Belgen begeesteren? Wie weet! Voetballen voor ontwikkelingssamenwerking! Met de bal van de straat naar de school? Een Casa Hogar in Brazilië? En een halve finale op het WK 2014! Meer moet dat niet zijn.