Ik grasduin even door enkele incidenten van de voorbije maanden.

* Fans van Glasgow Rangers pakten op Celtic Park met een hatelijke vondst uit en zongen ‘The famine is over. Why don’t you go home?’ op de tonen van het populaire Sloop John B van The Beach Boys. Verwijzend naar de hongertragedie van… 1840, naar het feit dat Celtic ontstond uit de migratiestroom vanuit Ierland en dat de nochtans in Schotland geboren en getogen supporters van die club beter konden ophoepelen naar het land van herkomst van hun voorouders. De verontwaardiging klonk door tot in de Schotse politiek en Rangers Football Club  werd gewaarschuwd dat bij herhaling de grievende zangers zouden worden gearresteerd.

* Tijdens de match VfL Bochum-Werder Bremen werd in het Werdervak een verboden vlag uit de Tweede Wereldoorlog ontrold. De Werderfans reageerden onmiddellijk met een afwijzende reactie en de clubleiding meldde intussen geen neonazi’s in haar stadion te dulden. 

* Bij Kroatië-Engeland trakteerde een deel van het thuispubliek de donkere Engelse spelers op oerwoudgeluiden. Twee jaar geleden vormde de Kroatische harde kern op een Italiaanse tribune een…levend hakenkruis.

Wie de Europese voetbalactualiteit volgt, weet dat deze irriterende interrupties geregeld hun lelijke hoofd opsteken. The ugly face of football! Vooral in landen van Zuidelijk (vooral Italië en in mindere mate Spanje) en Oost-Europa (vrijwel alle voormalige Oostbloknaties).

 

Het suddert allemaal wat na als ik op 6 november een conferentie bijwoon in het Europees Parlement in Brussel. Onder leiding van het Nederlandse Europarlementslid Emine Bozkurt (PvdA) en in organisatie van de European Coalition of Cities Against Racism. Met de conclusies van onder meer de ook aanwezige Juan Laporta ben ik het vanzelfsprekend eens. De voorzitter van FC Barcelona wil bij zijn club als eerste een antiracismeclausule in de spelerscontracten opnemen. Ook in het volgende nobele streven van Emine Bozkurt zie ik geen graten: ‘we mogen het racisme in het voetbal niet ongestraft laten want anders groeien miljoenen kinderen op met het idee dat het erbij hoort.’ Maar haar standpunt dat het racisme in het voetbal groeit, ondanks de vele acties is flagrant onjuist. Dat kan aan de hand van statistische gegevens – nooit lag de graad van deelname aan de campagne van Football Against Racism in Europe hoger – én van één simpele conclusie worden weerlegd.

 

Met name deze: waar structuren worden opgezet, krijgt de voetbalclub een integrerend en veelkleurig karakter. En verdwijnen onaanvaardbare spreekkoren en daden. Het Engelse voetbal heeft dat terdege bewezen. In de jaren tachtig groeide een racistisch kankergezwel in de stadions, als gevolg van een doelbewuste infiltratie van het gewelddadige en rechts-extremistische National Front. Pas van 1993 af volgde een aanvankelijk bescheiden tegenreactie: Kick Racism out of Football (KIO). Vorige maand werd echter de vijftiende jaarlijkse ronde succesvol afgesloten, met meer dan 1000 sportieve, culturele en opvoedkundige evenementen van de 92 Britse profclubs. Met prachtige choreografie in het stadion: vlaggen, spandoeken, boodschappen. Het voetbal is in Engeland vandaag uitgegroeid tot belangrijkste integratiebeweging onder het motto ‘One Game, One Community’.  De Bundesliga is eveneens in de dans gesprongen met een ‘Zeig Rassismus die Rote Karte’: spelers, coaches, scheidsrechters en publiek namen deel aan het kleurrijke spektakel.

In ‘onze’ media was het speuren met een vergrootglas naar enige berichtgeving ter zake. Laat 25 puberende hooligans in de krochten van Belgrado ‘Kukluxklannetje’ spelen en het is wereldnieuws maar als duizenden mensen in een ‘celebrity’-stadionsfeer een unieke tijding tegen discriminatie geven, verdwijnt het letterlijk en figuurlijk tussen de regels. Emine Bozkurt heeft dus gelijk als ze hamert op meer mogelijkheden ter bestrijding van racistische vooroordelen in de voetballerij. Ze heeft ongelijk als ze generaliserend ‘het voetbal’ als dusdanig van tafel veegt.

De historiek van het spel om de bal toont een tweesporenland: een agressieve business, vaak in de klauwen van maffioso en zelfs dictators. De sport als oorlog, met intimiderend publiek en de speler als soldaat, de vondst is van Mussolini. Oftewel: een entertainmentindustrie, met ruimte voor ontplooiing van individuen, mensenrechten en emancipatie. Met de speler als artiest en rolmodel.

Daarom pleit ik voor een versterking van het sociale karakter binnen de Nederlands Betaald Voetbal Organisatie. Een inhaalbeweging – mét aanwervingen in de clubs van ‘Meer dan voetbalmanagers’ – ten overstaan van de juridische en commerciële krachten is aan de orde. Niet morgen, nu!

Wat verkiest u? The ugly face of football? Geef mij maar different colours, one game!

Advertenties

FC Twente bezoekt op 6 november Manchester City. De machtsgreep in het nieuwe City of Manchester Stadium door de Abu Dhabi United Group deed wijd en zijd de wenkbrauwen fronsen. Het legt de pijnzenuw van de Premier League bloot. Is dit de prelude tot de ‘kredietcrisis’ van het internationale topvoetbal? Dit terzijde, ter zake nu!

De ‘lightblues’ verdedigen een knappe traditie in het sociale veld. Ze hielden begin jaren tachtig de pen vast van ‘Football in the Community’. Moss Side. Zo heet de buurt rond het oude stadion. Bijgenaamd: Gunchester, vanwege het groot aantal gewapende conflicten tussen streetgangs. Op een nevelige aprilavond in 1996 stond ik buiten te luisteren naar een optreden van de beroemde band Oasis: Live at Maine Road. In het stadion bracht zanger/Cityfan Noel Gallagher met zijn baanbrekende versie van Don’t Look Back in Anger de 80000 muziekliefhebbers in de hoogste sferen. Het concert gold als legendarisch omdat het Manchester opnieuw deed bruisen, na jaren van verwaarlozing onder de conservatieve regeringen van Margareth Thatcher en John Major. De muziekpers noemde Oasis op dat moment de greatest rock’n rollband on earth.

De invloedrijke Gallagher opende met zijn oproep om op Tony Blair te stemmen de deur voor de verkiezingsoverwinning van de Labour Party in 1997. De foto van de champagnenippende Blair en Gallagher in Downing Street ging de wereld rond. Vandaag is de liefde tussen beiden sterk bekoeld maar de immer provocerende Gallagher blijft in de media snoeihard uithalen naar de teloorgang van de Britse binnensteden: ‘It all goes back to the Thatcher-years.’

De leadzanger van Oasis beleefde de eigen vlegeljaren in een gebroken familie, met een gewelddadige en aan de drank verslaafde vader. Ze woonden in een wijk zonder perspectief. Met hun wekelijkse uitstap naar de wedstrijden van City ontsnapten hij en zijn broers aan de onleefbare spanningen in het gezin en op de straat.

Don’t look back in anger. Kijk niet om in woede! Hoe doe je dat in een verloederde buurt als Moss Side? Ze wekt huiver op. Ze ademt de troosteloosheid van verloren levens uit. De verpaupering is zo hels dat de wetenschap Moss Side het brandmerk gaf van deerniswekkendste suburb van Manchester, met een overdaad aan straatcriminaliteit en een overdosis aan druggebruik.

‘Sommige beelden van de populaire serie Coronation Street werden hier gefilmd,’ vertelt Roger Reade als hij me door de smalle straatjes gidst. Vandaag is hij chief executive van de Manchester Football Association, destijds grondlegger van Football in the Community.
Dat was een uniek initiatief waarbij spelers als rolmodellen werden opgevoerd, voetbalclubs de deuren openzetten voor de fans en het hele panorama van de welzijnssector van hun stad mee ondersteunden. ‘Omdat voetbal de samenleving toebehoort!’ Roger Reade stelde het met klem, het was een boodschap die mij wel prettig maar toen toch wat vreemd in de oren klonk. Hij introduceerde het idee bij Manchester City in de jaren tachtig onder het motto ‘Open the Gates!’. Hij zag het stadion als ontmoetingsplaats voor de ‘gewone mensen’ waaraan elke voetbalclub haar status dankt. De blauwe club van Manchester wordt sindsdien geprezen voor zijn voorbeeldige maatschappelijke inspiratie.

In een grondig onderzoek van de universiteit van Bolton (2007) vraagt Tom Flower zich af hoe sport bij jongeren in achterstandswijken ten dienste kan staan van ‘tackling social exclusion en reducing crime’.

Het Cityprogramma Kickzgoal thru football trok de zware wijk in met een reeks van 48 weken per jaar, drie avonden per week: sportcoaching, voetbaltoernooien, culturele workshops en opvoedkundige projecten. Na de activiteiten voerde de Greater Manchester Police een statistische analyse uit en concludeerde een zogenaamde significante vermindering van de incidenten. De studie onderzocht de periode van 1 september en 31 december 2006 en vergeleek met hetzelfde tijdstip één jaar eerder. Hallo zegt u? Inderdaad! Liefst tussen 25% en 60% vermindering van antisociaal gedrag en een slordige 33% daling op gebied van criminaliteit! ‘Kickz has had a positive impact in reducing the amount of antisocial behaviour in the area making the streets safer for the young people who access the scheme.’
Een duidelijk signaal, hoewel Tom Flower er meteen een realistische optie en waarschuwende vinger aan toevoegde: ‘Sport lost niet de problemen van een achterstandswijk op maar heeft wel het vermogen om de sfeer te verbeteren en jongeren een leuke en leerrijke vrije tijdsbesteding aan te bieden.’ Of daaromtrent.
So I start a revolution from my bed zong Noel Gallagher en met hem 80000 mensen, Maine Road 27 april 1996. Don’t look back in anger. Step outside, the summertime’s in bloom.